Citaat | Rechtbank Amsterdam 8 november 2001
Alinea 43 Rechtbank Amsterdam 8 november 2001
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 8 november 2001, ECLI:NL:RBAMS:2001:AD5311.
Hoewel, overeenkomstig het hierboven onder 2.2. gestelde, een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer inherent is aan het gebruik van dit opsporingsmiddel, is er naar het oordeel van de rechtbank sprake van een zodanig zwaar middel dat dit slechts in uitzonderlijke gevallen in een detentiesituatie mag worden ingezet. Een verdenking van een buitengewoon ernstig misdrijf als moord dan wel doodslag vormt derhalve niet in alle gevallen een voldoende grond om dit opsporingsmiddel in een Huis van Bewaring gerechtvaardigd in te zetten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2ac3cb2f7cca0e77322b40d0d3b4ab4c74ec5392b0664eb92c0bd4073d57e9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2ac3cb2f7cca0e77322b40d0d3b4ab4c74ec5392b0664eb92c0bd4073d57e9f, en de alinea staat in dat document op bytes 17345 tot 17892.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2ac3cb2f7cca0e77322b40d0d3b4ab4c74ec5392b0664eb92c0bd4073d57e9f | shasum -a 256