Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002
Alinea 49 Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002, ECLI:NL:RBAMS:2002:AE5647.
Met de raadsman en de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de berechting van verdachte niet binnen een als redelijk aan te merken termijn haar beslag heeft gekregen. De mate van overschrijding op zichzelf is echter niet zo ernstig, gelet ook op de omvang van de zaak en het gecompliceerde stelsel van zaken waarvan deze zaak deel uitmaakt (het zogenaamde Clickfondsonderzoek), dat de officier van justitie niet zou kunnen worden ontvangen in zijn vervolging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a3ddc12070bb0f2fe8287e560a7d9c9a38badd3b3e8748e8f338d02d7ee00a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a3ddc12070bb0f2fe8287e560a7d9c9a38badd3b3e8748e8f338d02d7ee00a7, en de alinea staat in dat document op bytes 13107 tot 13596.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7a3ddc12070bb0f2fe8287e560a7d9c9a38badd3b3e8748e8f338d02d7ee00a7 | shasum -a 256