Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002

Alinea 53 Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 juli 2002, ECLI:NL:RBAMS:2002:AE5647.

3 oktober 1997 (als geconstateerd in onder meer het vonnis van deze rechtbank van 22 juni 2001 in de zaak met parketnummer 13/129200-97) kunnen in de zaak van verdachte niet tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie of anderszins schending van een vormvoorschrift leiden. Verdachte werd immers niet genoemd in dit rechtshulpverzoek, dat dus ook niet ten aanzien van hem is opgesteld of uitgevoerd. Of en in hoeverre de gang van zaken rond het rechtshulpverzoek onrechtmatigheid van het daaruit verkregen bewijs meebrengt, is een vraag die later in dit vonnis aan de orde zal komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a3ddc12070bb0f2fe8287e560a7d9c9a38badd3b3e8748e8f338d02d7ee00a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a3ddc12070bb0f2fe8287e560a7d9c9a38badd3b3e8748e8f338d02d7ee00a7, en de alinea staat in dat document op bytes 13940 tot 14548.