Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002
Alinea 41 Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002, ECLI:NL:RBAMS:2002:AE9153.
Terecht heeft de raadsman opgemerkt dat in het rechtshulpverzoek de uitspraak van de Klachtencommissie onjuist is weergegeven en dat die uitspraak niet de in het rechtshulpverzoek getrokken conclusie kan dragen, dat de rekeninghouders kennelijk hun identiteit niet wensten prijs te geven. In zoverre is het rechtshulpverzoek derhalve als onzorgvuldig aan te merken. Verdachte is door die onzorgvuldigheid echter niet wezenlijk in zijn belangen geschaad, omdat in combinatie met overige stukken die het OM tot zijn beschikking had (bijvoorbeeld de processtukken van VMJC, zie hiervoor onder 1.2) het vermoeden dat de rekeninghouders kennelijk hun identiteit niet wensten prijs te geven, wel gerechtvaardigd was. Het is derhalve niet aannemelijk dat de Zwitserse autoriteiten, als het rechtshulpverzoek op dit punt juist zou zijn geformuleerd, geen rechtshulp zouden hebben verleend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/213875993bcc3066cbe7790d4856a4f067b44407aa710ef55b23b90b9cc0492d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 213875993bcc3066cbe7790d4856a4f067b44407aa710ef55b23b90b9cc0492d, en de alinea staat in dat document op bytes 16154 tot 17049.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/213875993bcc3066cbe7790d4856a4f067b44407aa710ef55b23b90b9cc0492d | shasum -a 256