Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002

Alinea 85 Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 oktober 2002, ECLI:NL:RBAMS:2002:AE9153.

Er zou in strijd met het bij de FIOD-medewerkers bekende gebruiksverbod zijn gehandeld doordat zij na de huiszoeking bij verdachte in Zwitserland van die stukken kennis hebben genomen en de inhoud ervan gedeeltelijk aan collega's in Nederland hebben doorgegeven, voordat verdachte zelf had kunnen beoordelen tegen afgifte van welke stukken hij bezwaar wenste te maken (dat is pas in de eerste dagen van december 1997 gebeurd). Volgens de raadsman blijkt ook uit de verhoren van FIOD-medewerkers dat er regelmatig telefonisch contact is geweest over in beslag genomen stukken, hetgeen geen ander doel kon hebben dan het doorspelen van gegevens die anders pas na een definitieve beslissing op het rechtshulpverzoek zouden vrijkomen. Het proces-verbaal van de behandeling van het verzoek tot onderbewindstelling van het effectenkantoor Leemhuis & Van Loon B.V. (hierna: Leemhuis & Van Loon), op 27 en 28 oktober 1997, zou die stelling ondersteunen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/213875993bcc3066cbe7790d4856a4f067b44407aa710ef55b23b90b9cc0492d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 213875993bcc3066cbe7790d4856a4f067b44407aa710ef55b23b90b9cc0492d, en de alinea staat in dat document op bytes 30935 tot 31903.