Citaat | Rechtbank Amsterdam 24 februari 2004
Alinea 57 Rechtbank Amsterdam 24 februari 2004
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 24 februari 2004, ECLI:NL:RBAMS:2004:AO4863.
Uit een en ander in onderlinge samenhang gezien kan geen andere conclusie worden getrokken dan dat onder de bijzondere omstandigheden van het hiervoor geschetste gedragingen van het openbaar ministerie en de onder zijn verantwoordelijkheid optredende opsporingsambtenaren, dat een dergelijk handelen niet mag uitmonden in een vervolging. Het zou de eerlijkheid van de rechtspleging volledig ondermijnen. De omstandigheid dat er niet sprake is van een enkel vormverzuim, maar van een opeenhoping van grove schendingen van de goede procesorde, die niet meer met strafvermindering of bewijsuitsluiting zijn te compenseren, is er sprake van dermate bijzondere en uitzonderlijke omstandigheden dat een niet-ontvankelijk verklaring onvermijdelijk is, aldus de verdediging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bc7b3bb70c04ccfa3699debe81debc4e8678d2be009b62dba7987f46525e7a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bc7b3bb70c04ccfa3699debe81debc4e8678d2be009b62dba7987f46525e7a0, en de alinea staat in dat document op bytes 13168 tot 13948.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4bc7b3bb70c04ccfa3699debe81debc4e8678d2be009b62dba7987f46525e7a0 | shasum -a 256