Citaat | Rechtbank Amsterdam 7 juli 2004
Alinea 239 Rechtbank Amsterdam 7 juli 2004
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 7 juli 2004, ECLI:NL:RBAMS:2004:AP8458.
6.4.2 Naar het oordeel van de rechtbank maakt het bepaalde in artikel 6:194 BW slechts mogelijk dat wordt vastgesteld of een onrechtmatige daad is gepleegd doordat een bepaalde in het geschil als zodanig aangeduide mededeling misleidend is. Noch artikel 6:194 BW, noch een andere rechtsregel over onrechtmatige daad, noch de collectieve actie van artikel 3:305a BW biedt gelegenheid vast te stellen dat, indien komt vast te staan dat één of meer mededelingen misleidend in de zin van artikel 6:194 BW waren, andere, niet in het licht van artikel 6:194 BW beoordeelde en niet identieke mededelingen eveneens onrechtmatig zouden zijn. De collectieve actie strekt er niet toe te doen vaststellen dat een collectief van in een bepaalde periode gedane, niet identieke en niet individueel beoordeelde mededelingen, misleidend is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39033405760f68bcd988816d8b163dcd87b1e464dd477483f19ce08ce4c3d84d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39033405760f68bcd988816d8b163dcd87b1e464dd477483f19ce08ce4c3d84d, en de alinea staat in dat document op bytes 62469 tot 63308.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/39033405760f68bcd988816d8b163dcd87b1e464dd477483f19ce08ce4c3d84d | shasum -a 256