Citaat | Rechtbank Amsterdam 9 februari 2005
Alinea 136 Rechtbank Amsterdam 9 februari 2005
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 9 februari 2005, ECLI:NL:RBAMS:2005:AS5806.
46. Het voorgaande leidt de rechtbank tot de slotsom dat de door [eiser] ingediende vordering dient te worden afgewezen, waarbij [eiser] als de in het ongelijk gestelde partij, zal worden veroordeeld in de proceskosten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb87d96fd57c17d4b70b3ba846809da02921bcdf13fe3a4d9eb935f0d397fcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb87d96fd57c17d4b70b3ba846809da02921bcdf13fe3a4d9eb935f0d397fcf, en de alinea staat in dat document op bytes 49882 tot 50115.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfb87d96fd57c17d4b70b3ba846809da02921bcdf13fe3a4d9eb935f0d397fcf | shasum -a 256