Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 mei 2006

Alinea 55 Rechtbank Amsterdam 17 mei 2006

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 mei 2006, ECLI:NL:RBAMS:2006:AX6258.

Daarbij merkt de rechtbank nog op dat het derde cijfer in de nummering niet steeds dezelfde betekenis heeft. In geval bij de functiegegevens bij bijvoorbeeld het aspect “Kortcyclisch buigen” de nummering “4.11.2” wordt aangegeven, duidt het derde cijfer “2” er op dat in de FML een beperking is opgenomen. Is het derde cijfer “0”, dan geeft dat aan dat de normaalwaarde geldt. In geval bij de functiegegevens bij bijvoorbeeld het aspect “Zelfstandige functie-uitoefening” de nummering “1.9.1” wordt aangegeven, duidt het derde cijfer “1” er niet op dat in de FML een beperking is opgenomen, maar geeft dat cijfer aan om welke specifieke voorwaarde in arbeid binnen de rubriek 1.9 het gaat. In de nummering “1.9.1” geeft het derde cijfer “1” aan dat het gaat om de specifieke voorwaarde “Voorgestructureerd werk”. Deze laatstgenoemde wijze van nummering is alleen aan de orde bij de rubrieken 1.9 (persoonlijk functioneren/specifieke voorwaarden in arbeid), 2.12 (sociaal functioneren/specifieke voorwaarden in arbeid), 3.9 (aanpassing aan fysieke omgevingseisen/specifieke overige beperkingen) en 4.3 (hand- en vingergebruik).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01b8a1a8f6388f4388769d11403a8d1ca9ef7af55410c4523baa432b4fc3c6e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01b8a1a8f6388f4388769d11403a8d1ca9ef7af55410c4523baa432b4fc3c6e1, en de alinea staat in dat document op bytes 23670 tot 24850.