Citaat | Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007
Alinea 113 Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BA1277.
Mag stelt wel dat de gevorderde kosten zijn gemaakt en biedt daarvan bewijs aan, maar laat na een afdoende omschrijving van de verrichtingen te geven, anders dan die ter voorberei-ding van de processtukken en ter instructie van de zaak. De rechtbank gaat dan ook ervan uit dat vóór de aanvang van het geding geen andere of meer kosten zijn gemaakt dan die welke ter voorbereiding van een geding in het algemeen rede-lijk en noodzakelijk zijn. Voor dergelijke kosten pleegt het bepaalde in de artikelen 237 tot en met 240 van het Wetboek van Burger-lijke Rechtsvordering al een vergoeding in te sluiten. De rechtbank zal de vordering tot vergoeding van buitengerech-telijke kosten daarom afwijzen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d844c135da81bd6ff9e647eb4a91566bc2af16e6451eea0ede409064f85a155. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d844c135da81bd6ff9e647eb4a91566bc2af16e6451eea0ede409064f85a155, en de alinea staat in dat document op bytes 33333 tot 34044.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1d844c135da81bd6ff9e647eb4a91566bc2af16e6451eea0ede409064f85a155 | shasum -a 256