Citaat | Rechtbank Amsterdam 25 april 2007
Alinea 55 Rechtbank Amsterdam 25 april 2007
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 25 april 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BA3691.
5.1. Bij vonnis in kortgeding van 22 december 2006 is in de zaak van [eiser 1] tegen [gedaagde] geoordeeld dat sprake is van een waar mediaoffensief ontketend door [gedaagde] waartegen [eiser 1] zich niet of amper kan verdedigen. Alle omstandigheden in aanmerking genomen is de kortgedingrechter tot het oordeel gekomen dat voldoende aannemelijk is dat het belang van [eiser 1] bij bescherming van zijn goede naam zwaarder weegt dan het belang van [gedaagde] om in verband met de door hem gesignaleerde misstanden in het openbaar de naam van [eiser 1] te noemen. Het blijven aanwijzen van [eiser 1] als moordenaar in de Deventer moordzaak is, zo oordeelde de rechter in kortgeding, dan ook onrechtmatig jegens [eiser 1]. De rechtbank is van oordeel dat de kortgedingrechter op goede gronden tot haar oordeel is gekomen en neemt die gronden hierbij over en maakt ze tot de hare.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d4f4086032878657b8b8a109b24bb4ce26b3433907d2a68717da329ebb88938. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d4f4086032878657b8b8a109b24bb4ce26b3433907d2a68717da329ebb88938, en de alinea staat in dat document op bytes 15801 tot 16692.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d4f4086032878657b8b8a109b24bb4ce26b3433907d2a68717da329ebb88938 | shasum -a 256