Citaat | Rechtbank Amsterdam 27 april 2007
Alinea 115 Rechtbank Amsterdam 27 april 2007
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 27 april 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BA3914.
Voor het geval een afnemer, althans de echtgenoot (waar sprake is van echtgenoot wordt in een voorkomend geval tevens gedoeld op de echtgenote en de geregistreerd partner) van de afnemer, ten aanzien van de lease-overeenkomst een beroep heeft gedaan op de nietigheid daarvan krachtens de art. 1:88 en 1:89 BW, wordt overwogen als volgt. De vraag of art. 1:88 lid 1 onder d BW van toepassing is op een effectenlease-overeenkomst als de onderhavige is bevestigend beantwoord in het arrest van het gerechtshof te Amsterdam van 1 maart 2007 (LJN: AZ9721). De overwegingen in dat arrest worden hier overgenomen. Behoudens andere specifieke omstandigheden bestaat geen aanleiding om tot een ander oordeel te komen. De beschermingsfunctie van het toestemmingsvereiste dient van toepassing te zijn op de gehele wettelijke regeling van de koop op afbetaling, met inbegrip van de in art. 7A:1576 lid 5 BW bedoelde vermogensrechten zoals die van de onderhavige effecten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/853c10fe80fa596b50923b5959dcfd5f1436e4a15608e32e0576470f55ca32de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 853c10fe80fa596b50923b5959dcfd5f1436e4a15608e32e0576470f55ca32de, en de alinea staat in dat document op bytes 36813 tot 37785.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/853c10fe80fa596b50923b5959dcfd5f1436e4a15608e32e0576470f55ca32de | shasum -a 256