Citaat | Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007
Alinea 64 Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 21 februari 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BA4506.
2.16. IFF c.s. heeft daartegen, naar het oordeel van de rechtbank, terecht aangevoerd dat de omstandigheid dat een procedure het meest efficiënt voor de Nederlandse rechter zou kunnen worden gevoerd, niet zonder meer meebrengt dat A er een voldoende redelijk belang bij heeft om de onderhavige procedure voort te zetten zonder het oordeel van de Californische rechter af te wachten. In hetgeen door A in dit opzicht is aangevoerd ziet de rechtbank, gelet op de in 2.8 weergegeven strekking van de regeling in artikel 12 Rv, dan ook geen aanleiding om af te zien van de door IFF c.s. verzochte aanhouding van de zaak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0faebcef7093fd9ac0d8d14ea03b729fd204178a0ca5dd48fc7ce1adc7448b1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0faebcef7093fd9ac0d8d14ea03b729fd204178a0ca5dd48fc7ce1adc7448b1, en de alinea staat in dat document op bytes 17451 tot 18082.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d0faebcef7093fd9ac0d8d14ea03b729fd204178a0ca5dd48fc7ce1adc7448b1 | shasum -a 256