Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 mei 2007

Alinea 60 Rechtbank Amsterdam 2 mei 2007

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 mei 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BA5586.

diametraal tegenover elkaar staan, oordeelt de rechtbank dat ABN AMRO met de verklaring van C niet in haar bewijslevering is geslaagd. Er is geen of onvoldoende ondersteunend be-wijs. De kladaantekeningen die C heeft overgelegd van zijn telefoongesprekken met B ver-melden evenmin enig (concreet) advies om te spreiden en houden niets in omtrent het ontra-den van het uitbreiden van ICT-posities. Daarbij komt dat van ABN AMRO verwacht had mogen worden dat zij de door haar gestelde waarschuwingen aan B ook naar behoren op schrift gesteld zou hebben en dat zij dit heeft nagelaten. Zoals in het tussenvonnis is overwo-gen, is ABN AMRO aansprakelijk voor de schade die B als gevolg van het nalaten van ABN AMRO heeft geleden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56ba1d4a9c34133b777ebee28dd3c6a01984f66a50618fbdd78766cc4f6fa043. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56ba1d4a9c34133b777ebee28dd3c6a01984f66a50618fbdd78766cc4f6fa043, en de alinea staat in dat document op bytes 19379 tot 20117.