Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 oktober 2007

Alinea 75 Rechtbank Amsterdam 10 oktober 2007

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 oktober 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BC7188.

4.11. Bij de beantwoording van deze vraag heeft als uitgangspunt te gelden dat een overeenkomst van bruikleen per definitie een tijdelijk karakter heeft en dus in beginsel opzegbaar is. De eisen van redelijkheid en billijkheid kunnen echter in verband met de concrete omstandigheden meebrengen dat de overeenkomst alleen kan worden opgezegd als de bruiklener daarvoor een dringende reden heeft. Dergelijke concrete omstandigheden zijn echter niet gesteld of gebleken, zodat het verweer van [A] dat de Gemeente een te rechtvaardigen belang dient te hebben en te bewijzen bij de opzegging, reeds hierom strandt. Evenmin zijn door [A] omstandigheden aangevoerd die met zich zouden brengen dat de Gemeente in strijd met de redelijkheid en billijkheid handelt door van haar opzegbevoegdheid gebruik te maken. Nu [A] verder niets heeft ingebracht tegen de door de Gemeente in acht genomen opzegtermijn, zal de rechtbank bepalen dat de overeenkomst van bruikleen rechtsgeldig is opgezegd en geëindigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/698e567648b0f7d6f9ce286441bf660e75c2d54a810488fb37a097ddbe9b3743. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 698e567648b0f7d6f9ce286441bf660e75c2d54a810488fb37a097ddbe9b3743, en de alinea staat in dat document op bytes 24263 tot 25272.