Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 november 2007

Alinea 28 Rechtbank Amsterdam 29 november 2007

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 november 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BD1911.

Voor wat de personele werkingssfeer betreft bepaalt richtlijn 2004/38 dat de hiervoor genoemde waarborgen van toepassing zijn op alle burgers van de Unie, ongeacht hun verblijfsstatus (zie artikel 27 juncto artikelen 1 tot en met 3). Deze richtlijn is met ingang van 1 mei 2006 omgezet in de Nederlandse wetgeving. De beschikking tot ongewenstverklaring van verdachte dateert van 26 maart 2006 en valt derhalve onder het regime van de oude richtlijn 64/221. Met betrekking tot het personele werkingsbereik van deze richtlijn heeft het HvJ EG in zijn arrest van 7 juni 2007 (zaak C50/06, Commissie tegen Nederland) geoordeeld dat de stelling van de Nederlandse regering dat de waarborgen van richtlijn 64/221 uitsluitend van toepassing zijn op burgers van de Unie die rechtmatig verblijven op het grondgebied van de lidstaat van ontvangst, niet in overeenstemming is met het gemeenschapsrecht (rechtsoverweging 37): ook de waarborgen van de oude richtlijn 64/221 golden voor alle EU-burgers. Uit dit arrest (rechtsoverwegingen 34 en 35) blijkt dat de gemeenschapsrechtelijke waarborgen gelden voor iedere onderdaan van een andere lidstaat jegens wie een besluit tot verwijdering wordt genomen, omdat anders de effectieve werking van de richtlijn grotendeels teniet zou worden gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccd255f5da57bf2df27e5cb0ae8ec19f2918eb7c8b21dcc0b115f52a29556fa6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccd255f5da57bf2df27e5cb0ae8ec19f2918eb7c8b21dcc0b115f52a29556fa6, en de alinea staat in dat document op bytes 9554 tot 10849.