Citaat | Rechtbank Amsterdam 12 maart 2010
Alinea 35 Rechtbank Amsterdam 12 maart 2010
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 12 maart 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BL9136.
Het BJAA heeft ter zitting aangegeven eerst op 1 maart 2010 de ouders en de minderjarige gesproken te hebben. Het BJAA zegt dat de minderjarige er op dat moment slecht aan toe was, dat hij zwaar vermoeid was en dat voorts onduidelijk was of hij op dat moment de reikwijdte van de kinderbeschermingsmaatregelen begreep. Het BJAA zegt de minderjarige duidelijk gemaakt te hebben dat de vervangende toestemming verleend was om zijn overlevingskansen te vergroten en dat de zware chemotherapiekuren die hij zal ondergaan mogelijk gekoppeld zijn aan bloedtransfusies. Het BJAA vervolgt [minderjarige] inmiddels ook op DVD gezien te hebben en daar als het ware een ‘andere’ jongen gezien te hebben: helder van geest, opgeknapt en goed formulerend. Desondanks acht het BJAA het neerleggen van de verantwoordelijkheid om al dan niet bloed(producten) te accepteren een te zware verantwoordelijkheid voor een kind van de leeftijd van [minderjarige]. Het BJAA zegt zich te realiseren dat er sprake is van een ethisch dilemma, waarbij de artsen aangeven dat het toedienen van bloed(producten) de overlevingskansen van [minderjarige] vergroot en de ouders de beslissing dienaangaande volledig bij de minderjarige neerleggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3f3dd4fad8774b2083cc663bbec038e06679e1a15de376af6c206908c7ba138. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3f3dd4fad8774b2083cc663bbec038e06679e1a15de376af6c206908c7ba138, en de alinea staat in dat document op bytes 11440 tot 12668.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3f3dd4fad8774b2083cc663bbec038e06679e1a15de376af6c206908c7ba138 | shasum -a 256