Citaat | Rechtbank Amsterdam 12 mei 2010

Alinea 40 Rechtbank Amsterdam 12 mei 2010

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 12 mei 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BM5290.

In zijn arrest van 3 oktober 2000, LJN AA 7309, NJ 2000, 721 stelt de Hoge Raad, dat, als uitgangspunt voor gevallen waarin het strafrecht voor jeugdigen is toegepast, geldt dat de behandeling van de zaak ter terechtzitting in eerste aanleg dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen 16 maanden nadat de op zijn redelijkheid te beoordelen termijn is aangevangen, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden. Als bijzondere omstandigheden noemt de Hoge Raad in dit arrest de ingewikkeldheid van de zaak, de invloed van de verdachte en/of zijn raadsman op het procesverloop en de wijze waarop de zaak door de bevoegde autoriteiten is behandeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca72a151e378c78d1a33351e7a32198afb262080aae0c856c06d4c427682fa3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca72a151e378c78d1a33351e7a32198afb262080aae0c856c06d4c427682fa3e, en de alinea staat in dat document op bytes 10259 tot 10926.