Citaat | Rechtbank Amsterdam 31 augustus 2010

Alinea 58 Rechtbank Amsterdam 31 augustus 2010

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 31 augustus 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BO1671.

4.4. De nationaliteiten die specifiek worden genoemd onder a tot en met d en f en g van de Regeling hangen samen met het gegeven dat Nederland destijds met de desbetreffende landen overeenkomsten heeft gesloten met als doel de werving voor de Nederlandse arbeidsmarkt van ongeschoolde arbeiders, een groep waarop het minderhedenbeleid specifiek is gericht. De onderdanen van deze landen waren van meet af aan doelgroep van het minderhedenbeleid. Een dergelijke wervingsovereenkomst is (naar overigens ter zitting ook niet is betwist door eiser) wel gesloten met bijvoorbeeld Tunesië, maar niet met Egypte. Het niet opnemen van Egyptenaren als specifieke categorie, maar wel van Tunesiërs, houdt derhalve evenmin verband met een discriminatoir motief, maar heeft een specifieke historische en objectieve oorzaak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71df0c29bbf449f3a11cd20a5873d9005adb1fd4142f7d47caf39ca9159d3c85. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71df0c29bbf449f3a11cd20a5873d9005adb1fd4142f7d47caf39ca9159d3c85, en de alinea staat in dat document op bytes 15894 tot 16720.