Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 april 2011

Alinea 73 Rechtbank Amsterdam 6 april 2011

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 april 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ0237.

4.2. Nu [eiser] zich heeft beroepen op de rechtsgevolgen van de Verkoopoptie en Cyrte c.s. het bestaan van de Verkoopoptie gemotiveerd betwisten, dient [eiser] het bestaan ervan te bewijzen. Evenzeer dient [eiser] bewijs te leveren van zijn stelling dat, in aanvulling op de Verkoopoptie, [gedaagde sub 2] op 10 september 2008 de uitoefenprijs ervan heeft verhoogd tot een bedrag van € 24,-- per aandeel. De rechtbank dient het door partijen aangedragen bewijsmateriaal te wegen en te waarderen. [eiser] is in de op hem rustende bewijslast geslaagd, indien de rechtbank een redelijke mate van zekerheid heeft verkregen over de door hem gestelde feiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a, en de alinea staat in dat document op bytes 18492 tot 19160.