Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 april 2011
Alinea 74 Rechtbank Amsterdam 6 april 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 april 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ0237.
4.3. In deze procedure is de rechtbank in staat om tot waardering van bewijs over te gaan. Naar aanleiding van het door Cyrte c.s. verzochte voorlopige getuigenverhoor zijn door Cyrte c.s. en [eiser] de onder 2.10 vermelde getuigen gehoord. Daarbij heeft de vraag of [eiser] met [gedaagde sub 2] de door [eiser] gestelde Verkoopoptie is overeengekomen centraal gestaan. Alle processen-verbaal van de getuigenverhoren zijn in deze procedure door partijen overgelegd. Op grond van de door de getuigen afgelegde verklaringen, in onderling verband en samenhang bezien, en de overigens overgelegde bewijsstukken, is de rechtbank van oordeel dat [eiser] het van hem verlangde bewijs niet heeft geleverd. Daartoe wordt het volgende overwogen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a, en de alinea staat in dat document op bytes 19180 tot 19928.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a | shasum -a 256