Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 april 2011
Alinea 76 Rechtbank Amsterdam 6 april 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 april 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ0237.
4.4. [eiser] is de enige die als (partij)getuige over de totstandkoming van de Verkoopoptie heeft verklaard. De Verkoopoptie is volgens hem mondeling tussen [gedaagde sub 2] en hemzelf tot stand gekomen; daarbij zijn geen anderen aanwezig geweest. In zijn ten overstaan van een notaris afgelegde schriftelijke verklaring van 20 februari 2009 (die hij later als getuige heeft bevestigd) en als getuige heeft hij echter geen duidelijkheid kunnen verschaffen over de vraag of [gedaagde sub 2] de Verkoopoptie telefonisch heeft verleend of in een persoonlijk gesprek. In de schriftelijke verklaring heeft [eiser] voorts geen precieze datum genoemd waarop de Verkoopoptie is overeengekomen. Als getuige heeft [eiser] aanvankelijk verklaard dat de Verkoopoptie eind maart/begin april 2008 is overeengekomen en vervolgens dat het eind maart 2008 moet zijn geweest, omdat hij pas aandelen is gaan kopen na het verkrijgen van de Verkoopoptie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a, en de alinea staat in dat document op bytes 20065 tot 21012.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/db0c352b67bf65c6be8d25c81f1c0139dcf985742b07e6f1ba809da01397db5a | shasum -a 256