Citaat | Rechtbank Amsterdam 13 april 2011

Alinea 88 Rechtbank Amsterdam 13 april 2011

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 13 april 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ0921.

4.12. De rechtbank volgt AFM hierin niet. Het enkele feit dat Icesave en Lehmann Brothers toen nog niet ten onder waren gegaan, brengt niet mee dat DSB [eiseres] als geïnteresseerde en afnemer van een spaarproduct niet erop hoefde te wijzen dat het risico van het product bij faillissement van de bank hoger was dan het risico van vrijwel alle andere spaarproducten. DSB heeft dat onvoldoende gedaan. In de onder 2.3 vermelde brochure was niets vermeld over het risico bij faillissement van de bank. In de onder 2.5 vermelde brief van 24 juni 2008, waarbij DSB de deposito-overeenkomst aan [eiseres] heeft toegezonden, is een uitleg gegeven van de achterstelling die onvoldoende wijst op het verhoogde risico bij faillissement, doordat de uitleg is gekoppeld aan de terugbetaling van het deposito aan het einde van de looptijd, terwijl [eiseres] gedurende de gehele looptijd van het achtergestelde deposito bij faillissement van de bank een verhoogd risico liep. De AFM heeft nog gewezen op de vermelding van het risico in artikel 7 lid 1 van de overeenkomst, hiervoor weergegeven onder 2.7. Dit argument legt in dit verband onvoldoende gewicht in de schaal, omdat het gedragstoezicht van AFM (in de kern) geen betrekking had op de uiteindelijk door DSB met haar cliënten gesloten contracten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0b578c80b7d46038b12aa31292cdbfa3ac826f60128ad933b1598f067e391ef4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0b578c80b7d46038b12aa31292cdbfa3ac826f60128ad933b1598f067e391ef4, en de alinea staat in dat document op bytes 28068 tot 29376.