Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 mei 2011
Alinea 218 Rechtbank Amsterdam 18 mei 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4842.
4.6.7.1. Met betrekking tot de prijs die de Staat der Nederlanden voor het Nederlandse bedrijf van de Fortis-groep heeft betaald, hebben de Nederlandse minister van Financiën en de Nederlandse minister-president in hun brief van 6 oktober 2008 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal geschreven (zie hiervoor onder 2.3.5) dat uitgangspunt in de onderhandelingen is geweest dat de aankoop moest plaatsvinden op basis van marktwaarde. Een complexe opgave, zo schrijven zij, waarbij de Staat der Nederlanden zich heeft laten bijstaan door een externe adviseur. Op basis van een going concern situatie is een raming gemaakt van de structurele winst, die vervolgens via koers-winst verhoudingen en financieringskosten van vergelijkbare banken is vertaald naar marktconforme waardering. De uiteindelijke prijs van EUR 16,8 miljard is een resultaat van onderhandelingen, aldus de Nederlandse minister van Financiën en de Nederlandse minister-president.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41f0bcfff0af5f3e762647075e0ce3e7aee89d1ee138d87dec6fac4446064572. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41f0bcfff0af5f3e762647075e0ce3e7aee89d1ee138d87dec6fac4446064572, en de alinea staat in dat document op bytes 56307 tot 57267.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41f0bcfff0af5f3e762647075e0ce3e7aee89d1ee138d87dec6fac4446064572 | shasum -a 256