Citaat | Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011
Alinea 26 Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ9049.
Op 1 april 2010 is een inbraak gepleegd in een woning aan de [B-straat] te [plaats]. Bij deze inbraak zijn onder meer een computer van het merk Sony en een telefoon weggenomen. Blijkens een zich in het dossier bevindende mutatie heeft de buurman van de aangever elk half uur buiten een sigaretje gerookt. Uit tapgesprekken blijkt dat verdachte op 1 april 2010 om 20.05 uur tegen medeverdachte [medeverdachte 2] heeft gezegd dat hij “binnen” is en dat de buurman voor de deur “aan het smokoe” is. Om 20.29 uur zegt [medeverdachte 2] over de telefoon tegen verdachte dat “deze op een code zit” en dat ‘hij geen lader heeft”, waarop verdachte zegt dat ze “die lader erbij hebben”, waarop [medeverdachte 2] zegt dat die “van iets anders, Sony, is”. Hoewel het zeer wel mogelijk is dat deze gesprekken betrekking hebben op de inbraak in de woning aan de [B-straat], is een en ander, anders dan de officier van justitie meent, niet voldoende voor een bewezenverklaring. Verdachte zal dus ook van dit feit worden vrijgesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/867db31f430a355f211d41ab4bb6152e9e54e14ad5b50552e302ca867cd06ca2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 867db31f430a355f211d41ab4bb6152e9e54e14ad5b50552e302ca867cd06ca2, en de alinea staat in dat document op bytes 11406 tot 12463.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/867db31f430a355f211d41ab4bb6152e9e54e14ad5b50552e302ca867cd06ca2 | shasum -a 256