Citaat | Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011

Alinea 72 Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 31 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ9049.

Niet valt in te zien dat de bevoegdheden ingevolge de artikelen 126m en n Sv alleen kunnen worden aangewend voor het door de raadsvrouw bedoelde passief kennis nemen van telecomgegevens. De recherche mag, geheel los van welke bijzondere opsporingsmethodiek dan ook, in het belang van het onderzoek ieder telefoonnummer bellen. Die bevoegdheid vervalt vanzelfsprekend niet bij een verkregen tap-machtiging op het desbetreffende nummer. Evenmin valt in te zien waarom niet ook, zoals in het onderhavige geval, actief “stille” sms-berichten naar de gebruiker kunnen worden verstuurd en waarom niet, wanneer een vordering tot verstrekken van verkeersgegevens is gedaan, van de verkeersgegevens betreffende die berichten gebruik kan worden gemaakt. In het onderhavige geval is, mede gezien de beperkte inzet van deze stealth-smsen, met het enkele versturen ervan en het eventueel analyseren van hiermee gegenereerde verkeersgegevens geen sprake geweest van het stelselmatig volgen van verdachte of het stelselmatig waarnemen van diens aanwezigheid of gedrag. Voor het handelen van de opsporingsambtenaren is dan ook, anders dan door de raadsvrouw betoogt, geen bevel observatie in de zin van artikel 126g Sv noodzakelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/867db31f430a355f211d41ab4bb6152e9e54e14ad5b50552e302ca867cd06ca2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 867db31f430a355f211d41ab4bb6152e9e54e14ad5b50552e302ca867cd06ca2, en de alinea staat in dat document op bytes 29505 tot 30739.