Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 juli 2011
Alinea 63 Rechtbank Amsterdam 6 juli 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 juli 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BR3118.
5.4. Ter zitting hebben eiseressen aangevoerd dat, nu verweerder een handgeschreven notitie op pagina 4 van de nota van verweerder van 9 juni 2009 wel openbaar heeft gemaakt, verweerder de openbaarmaking van de overige persoonlijke beleidsopvattingen niet kon weigeren. De rechtbank volgt dit standpunt niet. Verweerder heeft ter zitting verklaard dat hij ten aanzien van deze notitie gebruik heeft gemaakt van de hem in artikel 11, tweede lid, van de Wob gegeven bevoegdheid en dat de openbaarmaking van deze notitie met toestemming van de schrijver heeft plaatsgevonden. Ook het standpunt van eiseressen dat verweerder al in het bestreden besluiten had moeten motiveren waarom deze beleidsopvatting wel openbaar gemaakt kon worden, volgt de rechtbank niet. De Wob verplicht verweerder niet te motiveren waarom een (deel van een) document wel openbaar wordt gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd9eecfb349c34439664efcde8b534b5ea8c1602d22cffbae3ca44e237b1e58f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd9eecfb349c34439664efcde8b534b5ea8c1602d22cffbae3ca44e237b1e58f, en de alinea staat in dat document op bytes 24336 tot 25217.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd9eecfb349c34439664efcde8b534b5ea8c1602d22cffbae3ca44e237b1e58f | shasum -a 256