Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 december 2011
Alinea 58 Rechtbank Amsterdam 14 december 2011
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 december 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BV1208.
4.3. Krachtens artikel 3:310 lid 1 BW verjaart een rechtsvordering tot vergoeding van schade door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de benadeelde zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon bekend is geworden. Voor de bepaling van de aanvang van de verjaringstermijn van de vordering van ISG is in dit geval, anders dan RBS aanvoert, niet van belang het moment waarop ISG ermee bekend was dat COB niet aan bepaalde verplichtingen voldeed, maar het moment waarop ISG ermee bekend werd dat de gelden die via de Syndicate ISG Account waren overgeboekt naar de Master Account, waren verdwenen. Uit de inhoud van de klacht die ISG op 7 september 1999 heeft ingediend bij de Belgische justitie kan worden afgeleid dat deze ontdekking tussen 12 augustus 1999 en 7 september 1999 heeft plaatsgevonden. Nu door RBS geen omstandigheden zijn gesteld die erop wijzen dat ISG al op een eerder moment wist dat de gelden van de Master Account waren verdwenen, zal de rechtbank uitgaan van 7 september 1999 als aanvangsdatum van de verjaringstermijn. Dit betekent dat
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/810d1a2cfd210fd1f8c942e71c957369dbeef6bb613a332a5aab7b850fc03f76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 810d1a2cfd210fd1f8c942e71c957369dbeef6bb613a332a5aab7b850fc03f76, en de alinea staat in dat document op bytes 15881 tot 17002.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/810d1a2cfd210fd1f8c942e71c957369dbeef6bb613a332a5aab7b850fc03f76 | shasum -a 256