Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 januari 2012

Alinea 52 Rechtbank Amsterdam 19 januari 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 januari 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BV1327.

Het klopt dat hij e-mails heeft rondgestuurd waar mensen aanstoot aan hebben genomen. Het klopt dat deze vanaf zijn computer zijn verzonden. Hij woonde op het adres [adres]. Hij gebruikt het e-mailadres [naam verdachte]@hotmail.com. Hij is de enige gebruiker van dit e-mailadres. Hij stuurde de e-mails aan best veel mensen. Hij stuurde ze aan politici, bijvoorbeeld aan 2e Kamerleden, journalisten e.d. Het werden er steeds meer. Hij kan zich voorstellen dat mensen aanstoot hebben genomen aan de e-mails die hij heeft verstuurd. Hij heeft niets persoonlijks tegen de joden. Hij wilde provoceren. Hij stuurde ook wel eens e-mails naar het CIDI. Hij heeft ook e-mails verstuurd naar arabist [naam 1]. Hij kan zich niet herinneren waar hij het e-mailadres van [naam 2] vandaan heeft. Mogelijk vanwege het feit dat zij en [naam 1] aan elkaar gelieerd waren. Zijn achterliggende gedachte was om de maatschappelijke discussie in de politiek op gang te krijgen. Hij wilde de joodse gemeenschap hetzelfde gevoel geven als het gevoel dat [naam 5] over de moslims afroept.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc80e6d0237724cfc960defafd0967c9702d7eeb24c4a88eda13174c37c27fce. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc80e6d0237724cfc960defafd0967c9702d7eeb24c4a88eda13174c37c27fce, en de alinea staat in dat document op bytes 19318 tot 20397.