Citaat | Rechtbank Amsterdam 15 februari 2012

Alinea 50 Rechtbank Amsterdam 15 februari 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 15 februari 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BV6356.

4.4. Uitgangspunt is dat [gedaagde] op grond van de toestemming huisbewaring (zie 2.4) toestemming had om als huisbewaarder tot 31 maart 2011 in de woning te verblijven. Stadgenoot heeft [gedaagde] weliswaar toegestaan om de woning tot 30 september 2011 te gebruiken (zie 2.6), maar anders dan [gedaagde] stelt heeft Stadgenoot hiermee niet bedoeld blijvend onderhuur van de woning te gedogen en [gedaagde] heeft dit ook niet zo mogen begrijpen. Het is vanaf het begin af aan duidelijk geweest dat de maximale termijn voor huisbewaring een jaar was. Dit staat duidelijk vermeld op de toestemmingsbrief van de Dienst Wonen en dit is [gedaagde] ook telefonisch meegedeeld door Stadgenoot. Dat Stadgenoot [gedaagde] heeft toegestaan zes maanden langer in de woning te verblijven, om hem zo de gelegenheid te geven andere woonruimte te vinden, leidt er niet toe dat hij alsnog een beroep kan gaan doen op artikel 7:269 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea83e06e76f09c2b5fcdeacef00989c2d5cb8804c53c2c7e81395fc1a07973cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea83e06e76f09c2b5fcdeacef00989c2d5cb8804c53c2c7e81395fc1a07973cb, en de alinea staat in dat document op bytes 21884 tot 22816.