Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 februari 2012

Alinea 68 Rechtbank Amsterdam 17 februari 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 februari 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BV7192.

4.3.8. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder 1 voorts op goede gronden geoordeeld dat eiseres in relatie staat tot de door [ex-echtgenoot] gepleegde strafbare feiten. Gezien artikel 3, vierde lid, aanhef en onder c, van de Wet Bibob staat de betrokkene onder meer in relatie tot door een andere persoon gepleegde strafbare feiten, indien deze persoon direct of indirect leiding heeft gegeven of zeggenschap heeft gehad over de betrokken ondernemingen. Naar het oordeel van de rechtbank staat vast dat [ex-echtgenoot] in het verleden zeggenschap heeft gehad over de cafés Gollem. De rechtbank hecht voor dit oordeel belang aan de volgende feiten en omstandigheden. Allereerst is niet in geschil dat [ex-echtgenoot] beide cafés heeft opgericht als eenmanszaak, Café Gollem in 1992 en Café Gollem 2 in 2004. [ex-echtgenoot] en eiseres zijn van maart 2002 tot 25 juni 2008 samen vennoot van V.O.F. Café Gollem. Deze V.O.F. heeft ook vanaf 7 juli 2004 tot 25 juni 2008 Gollem 2 geëxploiteerd. [ex-echtgenoot] treedt op 25 juni 2008 uit de V.O.F. Café Gollem en heeft op 6 november 2008 – dus na het uittreden uit de V.O.F. – tijdens een politieverhoor verklaard dat hij zelfstandig ondernemer is en dat hij twee bierlokalen in Amsterdam heeft die Gollem heten. Beide cafés stonden toen reeds op naam van eiseres. Verder was [ex-echtgenoot] aanwezig bij gesprekken met medewerkers van verweerder 2 in het kader van de thans voorliggende vergunningaanvraag van Gollem 2. Naar het oordeel van de rechtbank kan dan ook niet worden volgehouden dat [ex-echtgenoot] geen zeggenschap heeft gehad over beide cafés zoals ter zitting is betoogd door de gemachtigde van eiseres. De memorie van toelichting bij de Wet Bibob noemt op dit punt een aantal voorbeelden van de vorm waarin degene die de strafbare feiten heeft gepleegd bij de rechtspersoon betrokken kan zijn (bestuurder, aandeelhouder of financier). Het standpunt van de gemachtigde van eiseres dat hier sprake is van een limitatieve opsomming, deelt de rechtbank niet. Dit zou immers betekenen dat een bedrijfsleider of vennoot in een V.O.F. geen zeggenschap zou hebben over de bedrijfsvoering. Een dergelijke uitleg van deze bepaling druist naar het oordeel van de rechtbank zozeer in tegen de bedoeling van de Wet Bibob, dat deze niet voor juist kan worden gehouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6a84f86f40d088838eac4e0623e7278fa12b46a401b5308ca521c93c1d90f493. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6a84f86f40d088838eac4e0623e7278fa12b46a401b5308ca521c93c1d90f493, en de alinea staat in dat document op bytes 19783 tot 22137.