Citaat | Rechtbank Amsterdam 26 januari 2012

Alinea 188 Rechtbank Amsterdam 26 januari 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 26 januari 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BV8485.

4.19. Het verweer van London dat de kosten van [verzoeker] op nihil dienen te worden begroot omdat de verzoeken van [verzoeker] op grond van artikel 1019z Rv moeten worden afgewezen, wordt gelet op het voorgaande verworpen. De rechtbank is wel met London van oordeel dat het aantal door [verzoeker] opgevoerde uren in verband met het opstellen van het verzoekschrift bovenmatig moet worden geacht. De rechtbank zal de door de advocaat van [verzoeker] hieraan bestede tijd derhalve begroten op 12 uur. Ten behoeve van de tijdsbesteding wegens de mondelinge behandeling op 24 november 2011 zal hier nog 2 uur bij worden opgeteld. Het uurtarief van EUR 225,00, vermeerderd met 6% kantoorkosten en 19% BTW heeft London niet betwist en komt de rechtbank redelijk voor. Het door [verzoeker] betaalde griffierecht bedraagt EUR 260,00. De kosten zullen gelet op het voorgaande op de voet van artikel 1019aa Rv worden begroot op EUR 4.197,50 (EUR 225,00 x 14 + 6% + 19% + EUR 260,00).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ebf60e14f82114ca37c511e33829c4d1885c686180ea8a14e306d8f9209d310. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ebf60e14f82114ca37c511e33829c4d1885c686180ea8a14e306d8f9209d310, en de alinea staat in dat document op bytes 53064 tot 54053.