Citaat | Rechtbank Amsterdam 15 maart 2012

Alinea 130 Rechtbank Amsterdam 15 maart 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 15 maart 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BV9075.

Verder zijn in de woning van verdachte geldbedragen van € 1.385,-, € 1.385,- en € 1.505,- aangetroffen. Tijdens de fouillering van verdachte is nog eens een bedrag van € 3.033,35 gevonden. [medeverdachte 2] had bij zijn fouillering een geldbedrag van € 4.557,25 bij zich en in de woning van [medeverdachte 6] lag een geldbedrag van € 7.830,-. Daarover heeft [medeverdachte 6] verklaard dat hij dat bedrag van verdachte heeft gekregen om voor verdachte te bewaren. De rechtbank acht deze geldbedragen te klein om te mogen aannemen dat deze van misdrijf afkomstig zijn. Het is waarschijnlijker dat het hier om geld gaat dat is verdiend met het drijven van de wasserette als zodanig en/of afkomstig is van het reguliere hawalabankieren. Ook hier moet dus vrijspraak volgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2dbcd1a429b950156f00fbe1580ff29f9b6ddc6dd896c497e9cfda0b7d3e8c27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2dbcd1a429b950156f00fbe1580ff29f9b6ddc6dd896c497e9cfda0b7d3e8c27, en de alinea staat in dat document op bytes 65250 tot 66045.