Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 augustus 2012
Alinea 35 Rechtbank Amsterdam 14 augustus 2012
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 augustus 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0456.
5.3. De rechtbank stelt vast dat eiseres haar schadevordering in de eerste plaats baseert op de stelling dat verweerder vrijstelling van het bestemmingsplan heeft verleend en er dus sprake is van planschade. Naar het oordeel van de rechtbank is echter niet gebleken dat verweerder voor het bouwen van een uitbouw en een dakterras op de eerste verdieping van de woning aan de [A straat nr. 19] vrijstelling ex artikel 19 van de WRO heeft verleend. Uit het besluit van 27 november 2007 zelf blijkt dat immers niet en uit het besluit van 23 april 2009 evenmin. Bovendien is niet aannemelijk geworden dat verweerder op enig moment impliciet vrijstelling heeft verleend. Indien eiseres van mening was dat er destijds vrijstelling had moeten worden verleend, had zij beroep moeten instellen tegen het besluit van 23 april 2009, nu geconcludeerd moet worden dat dit bij dat besluit niet is gebeurd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/05249f857ef4fedf7a0dfecbed5b11f5b8028379abaa50c5daa93ed00b0c5349. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 05249f857ef4fedf7a0dfecbed5b11f5b8028379abaa50c5daa93ed00b0c5349, en de alinea staat in dat document op bytes 12723 tot 13629.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/05249f857ef4fedf7a0dfecbed5b11f5b8028379abaa50c5daa93ed00b0c5349 | shasum -a 256