Citaat | Rechtbank Amsterdam 23 augustus 2012

Alinea 78 Rechtbank Amsterdam 23 augustus 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 23 augustus 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY1439.

4.2. Wie als belanghebbenden in de zin van artikel 282 Rv moeten worden aangemerkt is in de wet niet nader omschreven. Volgens rechtspraak van de Hoge Raad (HR 25 oktober 1991, LJN ZC0387, HR 6 juni 2003, LJN AF9449, HR 10 november 2006 LJN AY8290 en laatstelijk ook HR 25/5/2012 LJN BV9961), zal in het algemeen uit de aard van de procedure en de daarmee verband houdende wetsbepalingen moeten worden afgeleid of iemand belanghebbende is. Daarbij speelt een rol in hoeverre deze (rechts)persoon door de uitkomst van de procedure zodanig in een eigen belang kan worden getroffen dat deze daarin behoort te mogen opkomen, of in hoeverre deze anderszins zo nauw betrokken is of is geweest bij het onderwerp dat in de procedure wordt behandeld, dat daarin een belang is gelegen om in de procedure te verschijnen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6bbbd8f8fe78fdf21fe54b4142414db4d698f871e2792769cc3b01b3f1eadb5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6bbbd8f8fe78fdf21fe54b4142414db4d698f871e2792769cc3b01b3f1eadb5, en de alinea staat in dat document op bytes 23172 tot 23995.