Citaat | Rechtbank Amsterdam 9 november 2012
Alinea 169 Rechtbank Amsterdam 9 november 2012
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 9 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY2922.
26. Uit het voorgaande blijkt dat het recht op pensioen en eventuele (voorwaardelijke of onvoorwaardelijke) indexatie voortvloeit uit de pensioenovereenkomst die, zoals gezegd, in de CAO is opgenomen. Eiseressen sub 2 en 3, de bonden, hebben niet bestreden dat zij bij de totstandkoming van de onderscheidenlijke CAO’s betrokken waren. Daarmee heeft jegens hen de in contractuele relaties gebruikelijke Haviltex-norm voor de uitleg van de overeenkomst te gelden. Wat hiervan zij (mede gelet op het feit dat hiervoor reeds is geoordeeld dat dit deel van de vordering niet jegens de bonden kan worden toegewezen), zowel bij toepassing van de Haviltex- als bij de hantering van de CAO-norm, waarbij een objectieve uitleg van de tekst wordt gegeven, moet, mede gelet op de tekst van de toepasselijke bepalingen, in samenhang bezien met de hierna nog te behandelen argumenten, de conclusie zijn dat in de opeenvolgende CAO’s, zoals hiervoor geciteerd onder 1.g t/m i, in diverse bewoordingen het recht op indexatie in de CAO geformuleerd is als een voorwaardelijk recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0518fc496344951e66a7b83a87b50a8320b4f0637fee1c60fce9652f59d6f71e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0518fc496344951e66a7b83a87b50a8320b4f0637fee1c60fce9652f59d6f71e, en de alinea staat in dat document op bytes 38758 tot 39840.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0518fc496344951e66a7b83a87b50a8320b4f0637fee1c60fce9652f59d6f71e | shasum -a 256