Citaat | Rechtbank Amsterdam 1 november 2012
Alinea 54 Rechtbank Amsterdam 1 november 2012
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 1 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY6209.
Ook in het onderhavige geval is een voorlopig beslagverlof verleend, omdat het anders niet mogelijk zou zijn een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad te stellen zonder dat een onaanvaardbaar risico in het leven wordt geroepen dat het bewijsmateriaal waarop verzocht wordt beslag te mogen leggen verdwijnt. Op deze wijze kan de gerequestreerde ook de rol spelen die hem in art. 292 lid 2, 393 lid 1 en 7 en 394 lid 1 Rv, zoals ingevoerd krachtens de Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad is toegedacht. Als eerst vragen zouden worden gesteld aan de Hoge Raad en het antwoord daarop zou worden afgewacht alvorens verlof te verlenen, zou immers gerequesteerde genoemde rol niet spelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/26fd309f36c4a7d9ef5ccc2ff3b5314c3f286a4c7cb029f86e2651b71db23837. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 26fd309f36c4a7d9ef5ccc2ff3b5314c3f286a4c7cb029f86e2651b71db23837, en de alinea staat in dat document op bytes 13939 tot 14638.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/26fd309f36c4a7d9ef5ccc2ff3b5314c3f286a4c7cb029f86e2651b71db23837 | shasum -a 256