Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 november 2012
Alinea 63 Rechtbank Amsterdam 22 november 2012
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8310.
3.4.2. De rechtbank overweegt dat uit het boeterapport blijkt dat [F] op 6 oktober 2009 was binnengekomen en was begonnen met het uittellen van kranten op grond van de distributielijst op naam van [M]. Hierop staan de dagbladen vermeld, waaronder de Volkskrant en Trouw. Nadat de inspecteur hem vroeg haar een identiteitsbewijs te tonen en hij daaraan niet kon voldoen, ging [F] door met het tellen van diverse kranten. De inspecteur heeft vervolgens via de portofoon een melding gedaan bij de ambtenaren van de Vreemdelingenpolitie. De verklaring van inspecteur [C] bevestigt de inhoud van het op ambtseed respectievelijk ambtsbelofte opgemaakte boeterapport van 3 februari 2011. De rechtbank ziet geen aanleiding om te twijfelen aan hetgeen in het boeterapport is vastgelegd. Niet is gebleken dat distributeur [L] de mogelijkheid is onthouden om [F] te controleren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780, en de alinea staat in dat document op bytes 19550 tot 20430.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780 | shasum -a 256