Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 november 2012

Alinea 67 Rechtbank Amsterdam 22 november 2012

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8310.

3.6. Ten aanzien van de overtreding in Leiden hebben eisers aangevoerd dat deze onvoldoende is bewezen. De conclusie dat [J] kranten heeft bezorgd berust volgens eisers uitsluitend op zijn bankafschriften en op de verklaring van assistent-distributeur [P]. Eisers hebben gesteld dat een feitelijke waarneming van de overtreding ontbreekt en dat uit de stukken blijkt dat [J] zijn bankrekening ter beschikking heeft gesteld van [Q]. [J] heeft hier volgens eisers niet vrij over kunnen verklaren omdat hij werd gehoord in het kader van een onderzoek op grond van de Wet werk en bijstand. De verklaring van de heer [P] is volgens eisers ondeugdelijk en onduidelijk. Eisers hebben aangevoerd dat de kranten niet kunnen zijn bezorgd door [J], omdat hij in Nieuw-Vennep woont op een afstand van 25 kilometer van [adres] te Leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780, en de alinea staat in dat document op bytes 22409 tot 23248.