Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 november 2012
Alinea 68 Rechtbank Amsterdam 22 november 2012
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8310.
3.6.1. De rechtbank ziet geen reden om te twijfelen aan hetgeen is vermeld in het op ambtsbelofte opgemaakte boeterapport van 10 januari 2011 en in het aanvullende boeterapport van 24 mei 2011, waarvan afschriften zijn toegezonden aan eisers. Uit het rapport van 10 januari 2011 blijkt dat de bezorgovereenkomst op naam stond van [Q]. Door de heer [P] is aan de hand van de getoonde foto’s op de identiteitskaarten verklaard dat [J] en [Q] niet dezelfde persoon zijn. [J] is door de heer [P] aangewezen als zijnde degene die daadwerkelijk kranten heeft bezorgd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780, en de alinea staat in dat document op bytes 23268 tot 23845.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c5a1db965e1460b5893514f5d16e4a5e41c79ec72f7f91a7245c6a3f81a86780 | shasum -a 256