Citaat | Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013

Onder 2 Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:6632.

De raadsman is zich ervan bewust dat de Hoge Raad bij arrest van 17 juni 2008 heeft bepaald dat overschrijding van de redelijke termijn niet tot niet-ontvankelijkheid leidt, ook niet in uitzonderlijke gevallen en dat de regel is dat overschrijding gecompenseerd wordt door strafvermindering. De Rechtbank Amsterdam heeft echter nadien op grond van het IVRK anders besloten en het openbaar ministerie toch niet-ontvankelijk verklaard. Daarbij heeft de rechtbank overwogen dat de artikelen 3 en 40 lid 2 van het IVRK als uitgangspunt dienen te gelden voor de vraag of van verdere vervolging nog een pedagogisch effect valt te verwachten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4e5fee6a98802646022d18929c7a4968cee849da20ee8af97bc241ea17dc046. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4e5fee6a98802646022d18929c7a4968cee849da20ee8af97bc241ea17dc046, en de alinea staat in dat document op bytes 17966 tot 18742.