Citaat | Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013
Onder 20.1 Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 7 oktober 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:6632.
De rechtbank realiseert zich dat door het uitspreken van deze sanctie een gevoel zou kunnen ontstaan dat de verdachte ‘er mooi mee weg komt’ en/of dat een dergelijke sanctie ‘pedagogisch (juist) niet verantwoord is’. Gelet op het belang van spoedige vervolging van minderjarige verdachten in het algemeen enerzijds en het feit dat deze eenvoudige, niet al te zware zaak, verdachte gedurende 27 maanden boven het hoofd heeft gehangen en het slachtoffer geen verdere vervolging wenst, is de rechtbank evenwel van oordeel dat niet-ontvankelijkheid toch de enige juiste sanctie is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4e5fee6a98802646022d18929c7a4968cee849da20ee8af97bc241ea17dc046. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4e5fee6a98802646022d18929c7a4968cee849da20ee8af97bc241ea17dc046, en de alinea staat in dat document op bytes 43745 tot 44344.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4e5fee6a98802646022d18929c7a4968cee849da20ee8af97bc241ea17dc046 | shasum -a 256