Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 november 2013
Onder 2 Rechtbank Amsterdam 19 november 2013
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 november 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:8587.
Uit overweging 51 van General Comment No. 10 volgt dat het Kinderrechtencomité de norm 'zonder vertraging’ (‘without delay') in artikel 40, tweede lid, sub b onder iii van het IVRK kwalificeert als strikter dan de norm opgenomen in artikel 14 van het IVBPR 'zonder onredelijke vertraging’ (‘without undue delay'). Nu in zowel literatuur als rechtspraak is betoogd dat de norm ‘zonder onredelijke vertraging’ van artikel 14 IVBPR en de norm ‘binnen redelijke termijn’ van artikel 6 EVRM vergelijkbaar zijn , volgt uit de genoemde kwalificatie door het Kinderrechtencomité logischerwijze tevens - zij het impliciet - dat de norm ‘zonder vertraging’ die volgt uit artikel 40, tweede lid, sub b onder iii van het IVRK strikter is dan de norm van artikel 6 EVRM ‘binnen redelijke termijn’. De uitlegging dat de specifiek voor minderjarigen geldende termijn van vervolging en berechting strikter is dan de meer algemene, niet uitsluitend op deze specifieke doelgroep toegesneden, termijnen van artikel 14 IVBPR en artikel 6 EVRM sluit ook logisch aan bij overweging 52 van General Comment No. 10. Daarin staat immers dat de termijnen voor vervolging en berechting van minderjarigen veel korter dienen te zijn dan de termijnen die gelden voor volwassenen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77b126ffe0a8767a5a29637cfd9641364ffa4c3eef29ba6dcd6a8dff172a6b73. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77b126ffe0a8767a5a29637cfd9641364ffa4c3eef29ba6dcd6a8dff172a6b73, en de alinea staat in dat document op bytes 30232 tot 31584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/77b126ffe0a8767a5a29637cfd9641364ffa4c3eef29ba6dcd6a8dff172a6b73 | shasum -a 256