Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013

Alinea 138 Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841.

Aanvankelijk was de Tweede Kamer van oordeel dat aan een getuige uitsluitend verlaging van de strafeis zou mogen worden toegezegd. Op basis van dit oordeel, dat was verwoord in het wetsvoorstel Toezeggingen aan getuigen in strafzakeniv, was ook de Tijdelijke aanwijzing toezeggingen aan getuigen in strafzaken d.d. 13 juli 2001 gebaseerd.v Bij brief van 5 februari 2003 liet het College van Procureurs-Generaal echter aan de Minister weten dat de Tijdelijke aanwijzing het openbaar ministerie te zeer in zijn mogelijkheden beperkte om ernstige strafzaken tot een goed einde te brengen en stelde een werkgroep in om na te gaan in welke mate verruiming of versoepeling wenselijk en mogelijk was. Deze werkgroep bracht medio 2004 een advies uit over toezeggingen aan getuigen in strafzaken, waarin werd aanbevolen een groot aantal andere toezeggingen aan criminele getuigen mogelijk te maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de, en de alinea staat in dat document op bytes 47519 tot 48422.