Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Alinea 146 Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841.
Uit debat hierna in de Eerste Kamer bleek dat de meerderheid op zichzelf geen moeite had met het reguleren van (een belangrijk deel van) toezeggingen aan criminele getuigen door middel van aanwijzingen van het CPG. Wel bestond twijfel of het in artikel 167 Sr verwoorde opportuniteitsbeginsel een voldoende wettelijke grondslag bood voor het doen van toezeggingen aan getuigen op basis van de bestaande strafvorderlijke bevoegdheden en of er geen sprake zou kunnen zijn van détournement de pouvoir.x
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de, en de alinea staat in dat document op bytes 53889 tot 54402.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de | shasum -a 256