Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Alinea 394 Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841.
De rechtbank is voorts van oordeel - met het openbaar ministerie en anders dan de verdediging - dat oriënterende gesprekken en dealbesprekingen in de fase voorafgaand aan de totstandkoming van een OM-deal primair tot het vertrouwelijk overleg dienen te worden gerekend, waaromtrent logischerwijs niet aanstonds volledige openheid hoeft te worden verschaft. Gelet op de aard, inhoud en functie kunnen deze gesprekken niet zozeer worden geduid als feitenonderzoek dat bewijsmiddelen genereert. Veeleer vormen zij de aanleiding, het middel en/of de methode om tot dergelijk onderzoek te komen. Een in relaasvorm verschaft globaal overzicht van het verloop van het dealtraject zal in het algemeen voldoende mogelijkheid bieden aan verdediging en zittingsrechter om de rechtmatigheid van de (totstandkoming van de) OM-deal te onderzoeken. Een andersluidend oordeel zou de effectiviteit van de kroongetuigenregeling, die vertrouwelijk overleg vergt om bijvoorbeeld een informant te bewegen bewijsgetuige te worden, te veel frustreren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de, en de alinea staat in dat document op bytes 189506 tot 190549.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de | shasum -a 256