Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013

Alinea 415 Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841.

In de kluisverklaringen wijst [medeverdachte 8] [verdachte] aan als opdrachtgever van de moorden op [persoon 1] en [persoon 4]. In de beginperiode van Passage (vanaf februari 2009) richtte de inhoudelijke behandeling op zitting zich vooral op de diverse verwijten die in verband met deze moorden door het openbaar ministerie werden gemaakt aan [medeverdachte 4], [medeverdachte 8], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 5]. Deze verwijten liggen, kort gezegd, op het niveau van uitvoering van de moorden, met uitzondering van het verwijt aan [medeverdachte 1] die terzake wordt verweten als tussenpersoon of informatiemakelaar te zijn opgetreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de, en de alinea staat in dat document op bytes 200958 tot 201616.