Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Alinea 481 Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 januari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841.
De rechtbank verwerpt het verweer dat het openbaar ministerie onrechtmatig heeft gehandeld door de OM-deal met [medeverdachte 8] niet op te zeggen waar deze herhaaldelijk heeft geweigerd verder te verklaren. De rechtbank onthoudt zich van een oordeel over de vraag of en in welke mate [medeverdachte 8] hierdoor verwijtbare wanprestatie heeft geleverd, nu de rechtbank het krachtenveld waarin [medeverdachte 8] zich bevond onvoldoende kan overzien. Los daarvan is de rechtbank niet bekend met enige, op de belangen van medeverdachten gerichte, strafvorderlijke rechtsregel op grond waarvan het openbaar ministerie de overeenkomst met een criminele getuige in geval van wanprestatie zou moeten ontbinden. Ontbinding van de overeenkomst tast immers de bruikbaarheid van de verklaringen van de criminele getuige jegens de andere verdachten niet aan. Voorts hebben de andere verdachten geen rechtens te respecteren belang bij de tegen de criminele getuige te formuleren strafeis. Het recht van de overige verdachten op een eerlijk proces wordt derhalve door het voortbestaan van de overeenkomst niet geschaad.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de, en de alinea staat in dat document op bytes 224739 tot 225859.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/686fa1df2d6defb5e80b6d0f2b1841c08b9e590dd087fa5ff28f6c9b6850c0de | shasum -a 256