Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013

Alinea 61 Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ9607.

5.1. [gedaagde] heeft als meest verstrekkende verweer aangevoerd dat de Belastingdienst niet-ontvankelijk verklaard moet worden, aangezien tussen partijen reeds een bestuursrechtelijke procedure aanhangig is, welke rechtsgang met voldoende waarborgen is omkleed. Voorts heeft hij aangevoerd dat de door de Belastingdienst jegens hem uitgevaardigde informatiebeschikking nog niet onherroepelijk is. [gedaagde] heeft in dit verband verwezen naar de zogenoemde “Map 4” van het Rekeningenproject, waarin volgens hem staat dat er eerst een informatiebeschikking moet worden uitgevaardigd en pas wanneer deze informatiebeschikking onherroepelijk is geworden, de Belastingdienst een kort geding aanhangig kan maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d9467499153ef117b1477a96ec111d5bb7ebb21b80f68b9075b8aeb7bff13cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d9467499153ef117b1477a96ec111d5bb7ebb21b80f68b9075b8aeb7bff13cf, en de alinea staat in dat document op bytes 16814 tot 17540.