Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013

Alinea 81 Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 mei 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ9607.

5.17. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Uitgaande van de juistheid van de identificatie kan niet anders worden aangenomen dan dat de belastingplichtige tegen beter weten in ontkent rekeninghouder te zijn. Het meest voor de hand liggende motief hiervoor is dat hij een aanzienlijk saldo heeft, waaruit hij ook na 31 januari 1994 nog inkomsten heeft ontvangen die bij de Belastingdienst niet bekend zijn en hij voordeliger uit is met de schattingen zoals die tot op heden aan de naheffing ten grondslag zijn gelegd dan met volledige opening van zaken. Dit rechtvaardigt dat de bevoegdheid van artikel 47 AWR ook wordt gebruikt voor de jaren waarvoor reeds navorderingsaanslagen zijn opgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d9467499153ef117b1477a96ec111d5bb7ebb21b80f68b9075b8aeb7bff13cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d9467499153ef117b1477a96ec111d5bb7ebb21b80f68b9075b8aeb7bff13cf, en de alinea staat in dat document op bytes 27433 tot 28148.